20. Boviene Virus Diarree (immuundepressie)
BVD is een virusinfectie bij rundvee waardoor het hele maagdarmkanaal ontstoken raakt en hevige diarree ontstaat met de dood tot gevolg. Maar in het begin van de jaren negentig bleek dat het BVD-virus op de meeste rundveebedrijven in Nederland aanwezig is zonder dat daarbij diarree wordt aangetroffen.
Longontsteking en abortus
Op een bedrijf met ongeveer negentig melkkoeien, met evenveel jongvee en een afdeling met een honderdtal stieren om af te mesten, stierven vroeg in het voorjaar vijftien kalveren aan longontsteking. Behandeling met antibiotica en ontstekingsremmers had nauwelijks effect. De Gezondheidsdienst voor Dieren (GD) verrichtte sectie en pinkengriep werd als doodsoorzaak vastgesteld. Maar de kalveren werden daartegen al jarenlang systematisch gevaccineerd. Op andere bedrijven waar hetzelfde vaccin werd gebruikt, waren geen entdoorbraken. Bovendien hadden hier in dezelfde periode vier drachtige koeien hun kalf verworpen. Opmerkelijk was dit niet, want op melkveebedrijven was drie procent verwerpers een soort landelijk gemiddelde zonder dat daarvoor een specifieke oorzaak kon worden vastgesteld.
Onderzoek
Bloedonderzoek van enkele zieke kalveren leverde niet veel op: alleen een ontstekingsbeeld en een te lage zinkspiegel. Vervolgens controleerde de GD het klimaat in de jongveestal door middel van rookproeven. Daarbij werd tocht in de stal vastgesteld en vanuit de mestput kwam koude lucht omhoog. Tochtschermen op bepaalde punten in de stal en rubber matten op de roosters werden aangebracht om het klimaat voor de kalveren en pinken te veraangenamen. Maar de ellende duurde voort: in de weken daarna stierven nog eens vijf kalveren aan longontsteking. En in de koeienstal verwierpen nog eens drie dieren. Pas in de loop van de maand mei leek de misère voorbij. De koeien die verworpen hadden, werden geruimd. De melkproductie van de overige dieren had er niet merkbaar onder geleden. Maar de kalveren hadden een flinke achterstand in groei opgelopen.
Permanente virusdrager
Een halfjaar later begon de ellende opnieuw: weer ging een groot aantal kalveren dood door longontsteking. De sectieuitslag was: Boviene Virus Diarree (BVD). Eén van de onderzochte kalveren was drager van het virus.
BVD-dragers scheiden het virus permanent uit met de urine en de mest; ze hoesten het uit en besmetten hun koppelgenoten. Permanente virusdragers ontstaan door een infectie vóór de geboorte. Als een koe tijdens de dracht besmet raakt met BVD-virus, dringt dat in de baarmoeder door en infecteert het embryo. Als het afweersysteem van het kalf op dat ogenblik nog onvoldoende ontwikkeld is, wordt het virus niet onschadelijk gemaakt door het embryo maar het virus wordt ‘ingebouwd’ en blijft ook na de geboorte in het lichaam van het kalf aanwezig. Weinig van die permanente virusdragers worden volwassen. De meeste dragers gaan dood voordat ze twee jaar oud zijn. Kennelijk werkt een immuunsysteem met een ingebouwd BVD-virus toch niet goed. Bij koeien die tijdens de BVD-infectie al hoogdrachtig zijn, sterft het kalf in de baarmoeder en het wordt dan verworpen.
Immuundepressie
Maar waarom kregen de kalveren pinkengriep? Ze waren daartegen toch gevaccineerd? De verklaring daarvoor is dat het BVD-virus het immuunsysteem aantast. Dat gebeurt niet alleen bij embryo’s maar bij alle vee dat met dit virus besmet raakt. Vergelijk het met AIDS bij de mens: dat wordt ook veroorzaakt door een virus dat het immuunsysteem aantast. En ook AIDS-patiënten zijn extra vatbaar voor longontsteking. In feite heeft elke bijkomende infectie bij hen ernstiger gevolgen dan normaal. De infectie die het vaakst voorkomt bij jongvee is pinkengriep. Bij koeien zijn dat verschillende infecties: in combinatie met een BVD-besmetting ontstaat op het ene bedrijf een golf van acute uierontstekingen. Op een andere boederij krijgt een kwart tot de helft van de dieren in korte tijd tussenklauwontsteking (panaritium) als er een BVD-infectie rondgaat. Het hangt er maar vanaf welke besmetting op een bepaald bedrijf aanwezig is op het moment dat het BVD-virus rondgaat.
Aanpak
Van alle circa tweehonderdtachtig dieren op dit bedrijf is bloed getapt. De koeien en de meeste kalveren en pinken hadden afweerstoffen tegen het BVD-virus. Op het moment van bloedtappen hadden ze de infectie dus al doorgemaakt. Vijftien kalveren bleken permanente virusdragers.
Daarmee was de ziektegeschiedenis rond: In maart en april was de eerste golf met BVD-virus door het bedrijf gegaan. De oorzaak daarvan was niet meer te achterhalen: er waren geen dieren aangekocht of tijdelijk van het bedrijf weg geweest. Bij die eerste besmettingsgolf zijn twintig kalveren gestorven aan pinkengriep. In de koeienstal moeten toen tenminste drieëntwintig van de drachtige dieren besmet zijn geraakt.
Zeven daarvan hebben verworpen en bij zestien andere zijn de embryo’s in de baarmoeder besmet zonder dat abortus is gevolgd. Die zestien kalveren zijn ongeveer een half jaar later als permanente virusdragers geboren. Zij veroorzaakten de tweede infectiegolf met BVD op het bedrijf met opnieuw longontstekingen bij de kalveren tot gevolg. De koeien en oudere pinken waren toen immuun door de eerste infectiegolf. Maar de kalveren die na de eerste BVD-infectie geboren werden, hadden geen afweerstoffen. Daarvan stierven er opnieuw vijfentwintig aan pinkengriep.
Schade
De verzekeringsmaatschappij maakte onderscheid in directe en indirecte schade. De zeven koeien die verwierpen en waren geruimd; de twintig gestorven kalveren van de eerste infectiegolf en de vijfentwintig van de tweede plus zestien virusdragers werden vergoed als directe schade. Maar de indirecte schade viel niet onder de dekking en die was nog aanzienlijk groter: het resterende jongvee had een achterstand in groei opgelopen. De stieren werden daardoor drie maanden langer afgemest maar ze bereikten niet het normale slachtgewicht. Ook de vaarskalveren bleven te klein en na het kalven gaven ze te weinig melk. Ze zijn daarom allemaal afgevoerd, circa veertig stuks. De indirecte schade werd geschat op anderhalve ton.

| Index Landbouwhuisdieren |
>>
volgende: 21. Bruls en bandenloos (nymfomanie) |