Veterinaire Verhalen over Landbouwhuisdieren

Rogier Verberne
met tekeningen van Marisca Bruinooge-Verberne

 
001

1970: koe met hoorns

6. Koeien onthoornen (open loopstal)

Tot in de jaren zeventig stonden de koeien in het achterhuis van de boerderij aangebonden op de grupstal. De boer en zijn gezin woonden in het voorhuis. De veestapels werden in die tijd fors uitgebreid en er moesten nieuwe stallen komen. Dat werden de open loopstallen die nu overal op het platteland te zien zijn. De koeien staan niet meer vastgebonden maar ze lopen vrij rond. Een hek zorgt voor de afscheiding met de voergang. Om te kunnen vreten, moeten ze de kop door dat voerhek steken. Grote hoorns vormen daarbij een probleem. Verschillende koeien kwamen daarmee klem te zitten en de slijptol was nodig om ze te bevrijden. Daarom moesten in de loop van de jaren zeventig en tachtig bij hele koppels koeien de hoorns worden afgezaagd. Sindsdien worden bij de nuchtere kalveren de hoornpitten verwijderd en is het onthoornen van volwassen vee verleden tijd.

Zagen
Koeienhoorns zijn keihard en voor een gedeelte gevoelloos. Je kunt ze met een zaag een stukje inkorten zonder dat dit pijn doet. Maar ze blijven een leven lang doorgroeien en zo is die manier van inkorten maar een tijdelijke oplossing. Afzagen aan de basis, op de kop, is een doeltreffender ingreep. Maar daar zijn de hoorns bijzonder gevoelig en voorzien van grote bloedvaten. Om ze op de kop te kunnen afzagen moet er dus worden verdoofd. Eerst worden de koeien een beetje suf gemaakt om stress te voorkomen en dan volgt de plaatselijke verdoving. Maar dat prikken in hun kop met een injectienaald laten ze niet zomaar gebeuren. Als er een gaat brullen, heb je de poppen aan het dansen: alle koeien in de stal staan dan ‘op scherp’ als je eraan komt met je spuitje. Dan is het echt uitkijken, want die hoorns zijn hun wapens. Maar als de koeien suf zijn en de plaatselijke verdoving doet goed haar werk, dan kunnen de hoorns met een draadzaag aan de basis worden doorgezaagd. De spuitende bloeding die daarop veelal volgt, wordt gestelpt door een elastiek strak rond de resterende stompen te spannen. Een koppel melkvee omvatte destijds zo’n veertig koeien. Om ze te onthoornen moesten dus tachtig van die harde dolken worden doorgezaagd. Dat was een halve dag zwaar werk.

Knippen
Bij het maken van de afspraak om z’n koeien te onthoornen vraagt de boer of ik er bezwaar tegen heb om ze af te knippen in plaats van ze af te zagen. Met een tang die werkt op de oliedruk van zijn tractor, wel te verstaan. Dat zou minder vermoeiend en sneller zijn. Ik heb een loonwerker wel eens bezig gezien met zo’n tang om boomstammen simpelweg doormidden te knijpen: een stobbenschaar wordt zo’n apparaat genoemd. Het eist de nodige paardenkrachten van de tractor. Maar die zijn dan al sterk: variërend van zo’n zestig tot honderdtwintig pk. Met een goede verdoving mag het voor de koeien eigenlijk geen verschil maken hoe die hoorns worden verwijderd. En de tractor voor hun neus zijn ze gewend; daarmee worden ze twee keer per dag gevoerd. We besluiten om het te proberen. Op de afgesproken dag staan alle koeien klaar met de kop door het hek. Ze krijgen een kalmeringsmiddel: niet teveel want ze moeten bij de ingreep blijven staan. Dan volgt de plaatselijke verdoving. Als ze bij controle niet echt gevoelloos zijn, wordt er wat bijgespoten. De tractor wordt gestart en de enorme schaar wordt in de juiste positie gemanoevreerd boven de kop van de eerste koe. Dat kost enige oefening want het formaat van de schaar is voor dit karwei buiten proportie. Maar één keer op de juiste plek is het een kwestie van even gasgeven en plop! Met een knal vliegt de hoorn weg. Het is minder dan een fluitje van een cent. Met z’n tweeën zijn we binnen twee uur klaar met de veestapel. En we zijn helemaal niet moe. De koeien hebben er niks mee geleden: die avond is de melkgift normaal en de hoornstompen zijn ook later niet gaan ontsteken.

002

2000:  koeien zonder hoorns

Tuinmest
Een vuilniszak vol met afgeknipte hoorns neem ik mee naar huis. Mijn vrouw heeft daar al vaker om gevraagd omdat ze die als de perfecte mest beschouwt voor bepaalde planten in de tuin. In de dagen daarna heeft zij ze op diverse plaatsen in de grond gestopt. Een hele tijd later komt er in Den Dungen kabeltelevisie. Daarvoor wordt een sleuf gegraven van de straat naar het huis. Als ik thuiskom voor de lunch, word ik aangesproken door de voorman van de kabelploeg. Hij zit ergens mee verlegen, maar ik begrijp niet direct wat het is: bij het graafwerk zijn z’n mannen resten tegengekomen van dode koeien en ze zijn bang voor besmetting met lijkenkoorts of iets dergelijks. Daarom zijn ze  gestopt met graven. Dode koeien in onze tuin? Maar als blijkt dat het in feite alleen om hoorns gaat die ze zijn tegengekomen, begint me iets te dagen. Ik kan ze geruststellen: het zijn de hoorns van volkomen gezonde dieren. Dat zorgt voor opluchting. Ze hadden gedacht dat ik gestorven dieren thuis had begraven na een mislukte behandeling. En welke ziektes konden die ongeneeslijke koeien allemaal hebben gehad? We zijn daarna zonder mankeren op de televisiekabel aangesloten. En in de tuin floreerde alles.

| Index Landbouwhuisdieren |
>> volgende: 7. Pinkenstier (keizersnede bij een vaars)

 

www.verberneboek.nl
ISBN 978-90-812153-7-4
© 2008-2009 Rogier Verberne