Veterinaire Verhalen over Landbouwhuisdieren

Rogier Verberne
met tekeningen van Marisca Bruinooge-Verberne

 

Veearts 1970-2000

De verhalen in deze bundel spelen zich af in de laatste dertig jaar van de 20e eeuw; voor het merendeel in een plattelandspraktijk ten oosten van Den Bosch. Alleen de eerste anekdote komt uit de faculteitskliniek te Utrecht. In deze periode groeien de kleinschalige gemengde boerenbedrijfjes van de jaren vijftig en zestig uit tot grote gespecialiseerde ondernemingen met of kippen, of varkens of rundvee. Maar in 1984 wordt in de Europese Unie de schaalvergroting van melkveebedrijven afgeremd door de instelling van het melkquotum: de hoeveelheid melk die voortaan nog mag worden geproduceerd, is door de wet beperkt. In de zestien jaar daarna stopt driekwart van de Nederlandse boeren met het bedrijf of emigreert. De veehouders die overblijven, breiden hun veestapel wel verder uit, maar per saldo verdwijnt circa veertig procent van de koeien. Melkveebedrijven worden geautomatiseerd met robots; bij de KI (kunstmatige inseminatie) doet het gebruik van gesekst sperma zijn intrede om alleen nog vrouwelijke kalveren te verkrijgen; veeverbetering wordt voortaan bereikt door ET (embryotransplantatie) en IVF (in vitro fertilisatie). Door dit alles verandert het werk van de veearts op de boerderij ingrijpend: in plaats van dokter voor ziek vee wordt hij begeleider van de productieketen voor melk en vlees. Het optimaliseren van de vruchtbaarheid van de koeien en hun melkproductie worden zijn belangrijkste taken.

Deze ontwikkelingen spelen op de achtergrond van de verhalen, die zijn gegrepen uit de dagelijkse praktijk van deze dertig jaar. Veel waarover wordt verteld, is al verleden tijd: de veehouderij en het werk van de veearts zijn sindsdien blijvend veranderd.

| Index Landbouwhuisdieren |
>> volgende: 1. Een big kon niet schijten (atresia ani)

 

www.verberneboek.nl
ISBN 978-90-812153-7-4
© 2008-2009 Rogier Verberne